![]() |
|
Magere jaren: 1901 tot 1904
Het is de eerste jaren na de oprichting bijzonder slecht gegaan
met het Genootschap. Er kwam helemaal niets terecht van de
grootse
plannen.
En dat ondanks het feit dat organisaties als de Bond van Nederlandsche
Onderwijzers, de Maatschappij tot Nut van ‘t Algemeen en
de Nederlandsche Maatschappij tot Bevordering van de Geneeskunst
bij
bet initiatief betrok¬ken waren geweest. Ook ondanks het
feit dat mannen als Kerdijk, Treub, Barnouw, Sikkel, Zwartendijk,
Zelverder
krachtdadig ijverden voor het gestelde doel.
Als men nu de verslagen uit die tijd leest, kan men wel zeggen
dat bet bestaan van bet Genootschap aan een zijden draadje heeft
gehangen.
Van verpleging van kinderen in koloniehuizen was geen sprake.
Van een centraal Genootschap, waarbij zich de bestaande verenigingen
zouden aansluiten, kwam weinig terecht. De oprichters hadden
zich goed vergist in de mogelijkheden. Dat hing zonder enige
twijfel samen met wat er in de statuten over de doelstellingen
was geformuleerd.
De middelen om te geraken tot de oprichting van kinderherstellingsoorden
waren
• samenwerking met en bevordering van aaneensluiting van verenigingen
en personen, die zich een ge!ijk doel stellen en dat doe! met dezelfde
middelen trachten te bereiken,
•
het bevorderen van de oprichting van afdelingen en zelfstandige verenigin¬gen,
die zich zulk een doel stellen, en bet verlenen van hu!p en verstrekken
van inlichtingen en raad aan bovengenoemdc verenigingcn en personen.
•
het propaganda maken voor kinderherstellings- en vakantiekolonies,
zo¬wel door geschriften a!s door het woord en d. bet in het leven
roepen en in stand houden van eigen herstellings- of vakanticko!onies.
Daarvan uitgaande dacht men vooral aan bet in bet !even roepen
van nieuwe verenigin¬gen voor gezondheidskolonien en aan
het oprichten van afdelingen in plaatsen waar ze!fstandige verenigingen
geen levensvatbaarheid zouden hebben. Als aangewczen be!eidslijn
zag men aaneens!uiting en uitbrciding van de bestaande verenigingen
en uitbreiding van de ko!onies. Het Centraal Ge¬nootschap
zou een middelpunt mocten vormen van de belangen van de verenigingen
die al bestonden; bet zou ook a!s cen voorlichtingsbureau kunnen
functioneren. Het b!eek echtcr a! spoedig dat bet Genootschap
helemaa! niet op steun en medewerking van de besturen van de
bestaande vakantieko¬lonies
kon rekenen. Dat was dus een misrekening geweest. Ve!e verenigingen
zagen in bet pas opgerichte Genootschap een onwelkome bemoeial
en waren bevreesd dat zij bij aans!uiting bun ze!fstandigheid
geheel
zouden verliezen. Het bestuur zag geen kans de zaak van de grond
te krijgen. In 1902 be!egde bet bestuur s!echts dric vergaderingen,
waarin vooral gesproken werd over interne organisatie en over
propaganda. Dat a!!cs v!otte bepaald nict. In 1903 werd er he!emaal
niet vergaderd.
Pas op 9 maart 1904 kwam het bestuur weer bijeen. A. C. Bos,
die wel lid van bet bestuur b!eef, werd als secretaris vervangen
door
Mr. L. N. Roodenburg. Kort daarop, op 30 maart, werd een a!gemene
!edenvergadering gehouden, de eerste na de oprichtingsverga¬dering
in 1901. Naast enkele bestuursleden en !eden van de Raad van
Toe¬zicht
waren er vertegenwoordigers van de Vereeniging voor Kinder-gezond¬heidsko!onies
te De!ft, van de Bond van Neder!andsche Onderwijzers, van de
Israë!itische
Gczondheidsko!onie te Rotterdam, van de afdeling Gezond¬heids-
en Vacantiekolonies van de Vereeniging tot plaatse!ijk Nut te
Zaan¬dam
en van de Commissie voor Gezondheidsko!onies te Kinderdijk. Daar
gaf de voorzitter den overzicht van hetgeen er in 1903 was gedaan.
Uit de bewaard geb!even aantekeningen kan worden opgemaakt, dat
er door de aangesloten groepen te Zaandam, Delft en Hi!versum
in totaa!
40 kinde¬ren waren verp!eegd. Met daarbij de notitie: ‘Aan
De!ft en Zaandam zijn uit de bezittingen van bet Genootschap
bedden, waschtafe!s enz. ter beschik¬king gesteld’.
Uit de vergadering kwam dé klacht naar voren dat een groot
dee! van de ingekomcn ge!den s!echts besteed werd aan bet houden
van vergaderingen. Besloten
werd — hoe kan het anders als bet slecht gaat met een vereniging — om
cen beroep te doen op de medewerking van de pers en om over te
gaan tot bet houden van !ezingcn en voordrachten om aan bet Genootschap
meer bekendheid te geven.
Een van de aanwezigen vroeg nog of het, naar bet voorbee!d in
Denemarken,
niet goed zou zijn Om stadskinderen naar boerengezinnen te sturen
dan zou er tenminste lets gebeuren buiten het administratieve
werk van het Ge¬nootschap dat zoveel geld kostte. Tot slot
meende een van de aanwezigen
dat het bestuur in het vervoig geen propaganda mocht maken in
plaatsen waar al een vereniging voor gezondheidskolonies gevestigd
was. Dit voorstel vervulde de heer Bos met ontzetting; hij brandmerkte
het als een reeds vroeger in de vereniging geworpen twistappel;
alles, wat tot nu toe gedaan was, zou weer op losse schroeven
komen te staan. Het voorstel werd met op twee na algemene stemmen
verworpen, waarbij de voorzitter opmerkte dat de aanges!oten
verenigingen een blok aan het been blijken te worden terwiji
het toch zo nodig was dat bet Centraal Genootschap hier een stuk
vrijheid zou worden gelaten.
Al was er dan in 1902 en 1903 bitter weinig gebeurd, één
ding was zeker. Het bescheiden aanta! aanwezigen op de eerste
algemene ledenvergadering wenste vast te hoUden aari de beginselen
van 1901.
De vraag was alleen of dit kleine clubje het zou redden.
|